Kennis die blijft
als iemand er niet is.
Een collega weet precies hoe het zit, en iedereen loopt even bij die collega langs. Maar wat gebeurt er met die kennis tijdens een vakantie, of over een paar jaar bij een pensioen?
Herken je dit?
Waar het nu wringt.
Dezelfde vraag wordt elke week opnieuw gesteld, aan dezelfde persoon.
Werkinstructies bestaan wel, maar niemand weet waar, of welke versie geldt.
Nieuwe collega’s leren het werk vooral door veel te vragen.
Wat er beter kan
De juiste kennis, op het
moment dat je die nodig hebt.
We maken kennis vindbaar op de plek waar het werk gebeurt. Met de bron erbij, zodat je weet waar een antwoord vandaan komt.
Wie het werk het beste kent, kan de informatie bijwerken. Zo blijft de kennis actueel, en hoeft niet één persoon alles te onthouden.
Mogelijke toepassingen
Zo kan het eruitzien.
Voorbeelden van wat we kunnen bouwen of verbinden. Wat bij jou past, hangt af van het werk en de mensen die het doen.
Een antwoord met bron
Een vraag stellen in gewone woorden, en een antwoord krijgen met een verwijzing naar de instructie of het document.
De instructie bij de taak
De werkinstructie laten zien bij de stap waar die over gaat.
Inwerken
Nieuwe collega’s een vaste route geven door de kennis die ze in de eerste weken nodig hebben.
Jouw situatie
Wat hier werkt, kan
bij jou anders werken.
Vertel hoe het nu bij jou gaat. Dan kijken we samen wat er nodig is, en of een koppeling genoeg is of er iets nieuws moet komen.
Waar KAN. het
bij jou beter?
Beschrijf het in je eigen woorden. KAN geeft je meteen een eerste idee.